Lifestyle | Het gezinsleven van vluchtelingen in Krimpen

DSC_1094

Lifestyle | Het gezinsleven van vluchtelingen in Krimpen

Hoe ze het klimaat in Nederland ervaren? Afwisselend, alle vier de seizoenen komen op één dag voorbij… En ja, alle mensen zijn aardig, in de Stuw, maar ook de mensen op straat. Alles is prima geregeld, zelfs de fietsers hebben hier een eigen rijstrook. De stroopwafels zijn erg lekker en het eten is meestal wel goed…

Mijn dochter Myrthe en ik wilden graag zien en horen hoe vluchtelingen door de dag heen komen in het voormalige hotel De Stuw in Krimpen ad IJssel en mochten met een aantal gezinnen meekijken. We raakten onder de indruk van de wereld die snel zichtbaar wordt in de verhalen die ze vertelden. In eerste instantie wilden we vooral een normaal beeldverhaal maken van gewone mensen, maar misschien was het juist deze maatlat van ‘normaal’ dat alles wat we hoorden en zagen daarvan afweek.

Op het eerste gezicht is het een grote en gezellige logeerboerderij voor een heel gevarieerde familie. Naast de centrale ruimte de karakteristieke grote keuken met enorme pannen. ‘We koken ook graag gewoon zelf ons eten op onze kamer. Dat is lekkerder!’ Dankzij een vriendelijke tolk uit Syrië die het Nederlands goed beheerst, kunnen we met elkaar praten. Administratieleed is het eerste wat opvalt. Een Irakese vrouw vertelt dat haar doodzieke man (lymfeklierkanker) in het azc in Aalten zit. Omdat hij daar is ingeschreven, kan hij niet naar hier komen. Zij is hier met haar vijf kinderen en kan niet zomaar naar Aalten. Een jong stel moet met hun vier kinderen binnenkort terug naar Duitsland. Daar blijken ze als eerste (met vingerafdrukken) geregistreerd te zijn. Hij was al aardig op weg met zijn cursus Nederlands, maar heeft deze nu aan de kant gelegd. De huisbaas heeft hem nu geleerd hoe hij drie bier en braadworst kan vragen! ‘Ze moeten wel een beetje de moed erin houden hé!’, zegt hij met vochtige ogen.

Wat we zien, zijn jonge kinderen die overladen zijn door het speelgoed dat ze hebben gekregen van de vriendelijke Nederlanders. Ze zijn er zichtbaar blij mee. We horen nu ook de Arabische versie van de Voice-kids via Iphones voorbij komen. Veel fietsen, driewielers en stepjes liggen verspreid rond het gebouw. In de kelder is een sportruimte en in de centrale ontmoetingsruimte wordt koffie gedronken en schuiven allerlei nationaliteiten aan: Syrië, Irak, Oekraïne, Afghanistan. ‘Meneer, zoals de mensen hier met elkaar omgaan, zo zou de hele wereld eruit moeten zien! Schrijf dat maar op.’

Dit hotel was in de jaren ’70 een luxe plek om te overnachten met een chique restaurant. Het is zoeken om van deze luxe 45 jaar later nog iets terug te zien. Maar de mensen zijn inventief. Als het raam steeds dichtklapt, kun je er ook gewoon een ananas tussen zetten. We worden gastvrij ontvangen op verschillende kamers met stapelbedden, soms driehoog. Op een van de kamers is het bovenste stapelbed gebruikt als een etalage vol met speelgoed. Een van de gezinnen komt uit Damascus. Hij was adviseur op het ministerie van Financiën en heet ons ‘ghartelik wilkom’… Hij laat ons zijn cursus Nederlands zien. Om hier te kunnen aarden, moet hij de taal kennen, vindt hij. Hij wil graag ieder baantje oppakken. Als we wat langer met hen praten, is er eigenlijk maar één wens: terug naar Syrië. Ze hebben twee schatten van kinderen en de oudste dochter van 3 jaar gaat nu naar de peuterspeelzaal.

Als we weggaan wil een van de jongens zijn trainingsbroek laten zien. Het is een gewone zwarte. Maar als we de achterkant vooral moeten bekijken, zien we dat het een bijzondere is met het embleem van Feijenoord!

 

Reacties